6 november 2026
Darts termen uitgelegd: leg, set, bust en tops voor het WK
Een leg is één potje 501 naar nul, een set is een reeks legs (op het WK: wie er eerst drie wint) en een beurt zijn de drie pijlen die je per keer gooit. Daarmee lees je elke stand op tv. De rest van deze lijst legt uit wat de commentatoren tijdens het WK darts in Ally Pally, van half december tot begin januari, nog meer roepen.
De meeste Nederlandse lijstjes noemen "tops" of "madhouse" in één regel en houden het daarbij. Hier staat bij elk begrip het getal erachter: welke rest, welke route, welk gemiddelde.
Wedstrijdvorm: leg, set, break en matchdart
- Leg: één spel van 501 (soms 301 of 701) naar precies nul. Wie als eerste op nul staat, wint de leg.
- Set: een groep legs. Op het WK is een set best of 5: wie eerst drie legs wint, pakt de set. De Premier League speelt alleen in legs.
- Beurt: de drie pijlen die je achter elkaar gooit. De drie scores tel je op en trek je van je rest af.
- Om de bull gooien: beide spelers gooien één pijl op de roos, wie het dichtst zit, begint.
- Throw, hold en break: wie een leg begint, heeft "de throw" en dus drie pijlen voorsprong. Win je je eigen leg, dan heb je hem gehouden. Win je een leg waarin de tegenstander begon, dan is dat een break. Bij profs beslist één break vaak de hele set.
- Beslissende set: in een WK-partij is drie legs winnen in de laatste set vaak niet genoeg. Je moet er twee voor staan, en bij 5-5 beslist één sudden-death leg.
- Matchdart: een pijl die bij raak de hele partij beslist.
Hoe double out, bust en de beginner per leg precies geregeld zijn, staat in de darts regels voor 501.
Het bord: dubbel, triple, bed en oche
- Enkel, dubbel, triple: elk getal van 1 tot 20 heeft een enkel vlak, een dubbelring (de smalle buitenring) en een triplering (de smalle binnenring).
- Bed: één vlak op het bord. "In het triple-20-bed" betekent dat de pijl in de triple 20 zit.
- Bull en bullseye: de groene ring rond het midden is 25, de rode kern 50. De bullseye telt als dubbel en mag dus een leg uitgooien.
- Oche: de werplijn. Die ligt 2,37 m van de voorkant van het bord, en het midden van de bull hangt op 1,73 m. Thuis opmeten doe je met de uitleg over dartbord hoogte en afstand.
Scoren: ton, 180 en de negendarter
- Ton: 100 in één beurt. Alles daarboven is een ton-plus, 140 heet een ton-40.
- 180: drie pijlen in de triple 20, de hoogste score die in één beurt kan. Ook wel ton-80 of gewoon "het maximum".
- Bed and breakfast: 26, ofwel enkel 20, enkel 5 en enkel 1. Net links en net rechts van de twintig.
- Negendarter: een leg 501 in negen pijlen, het minimum. De bekendste route is 180, 180 en dan 141 via triple 20, triple 19, dubbel 12. Het gemiddelde van zo'n leg is precies 167.
- Big Fish: 170, de hoogste uitgooi die bestaat: triple 20, triple 20, bullseye. De route en wat je doet als de eerste pijl mist, staan op de pagina 170 uitgooien.
Uitgooien: check-out, bust, bogey en madhouse
- Uitgooi (check-out, finish): de rest die je met je laatste pijl op een dubbel of de bullseye precies naar nul brengt. Alle routes van 170 naar beneden vind je in de darts uitgooi tabel.
- Double out en double in: double out betekent dat elke leg op een dubbel moet eindigen. Bij double in moet ook je eerste tellende pijl een dubbel zijn. Op tv zie je dat niet.
- Bust: je gooit meer dan je rest, je komt op 1 uit, of je komt op nul zonder dubbel. De hele beurt vervalt en je rest blijft wat hij was.
- Tops: dubbel 20, dus 40 rest. Profs zetten graag tops neer, omdat je bij een enkele 20 nog op dubbel 10 staat. Zie 40 uitgooien.
- Dubbel 16: 32 rest, bij veel spelers nog geliefder dan tops. Raak je de enkele 16, dan sta je op dubbel 8, daarna dubbel 4, dan dubbel 2. Vier keer in de enkele missen en je staat nog steeds op een dubbel. Zie 32 uitgooien.
- Madhouse: dubbel 1, dus 2 rest. Raak je de enkele 1, dan sta je op 1 en is het bust. De volgende beurt sta je gewoon weer op dubbel 1.
- Bogey nummers: resten onder de 170 die je niet in drie pijlen kunt uitgooien: 169, 168, 166, 165, 163, 162 en 159. Daar heb je altijd een extra pijl nodig. Wat je beter kunt neerzetten, staat bij 162 rest en 159 rest.
- Wegzetten (set-up): een pijl die niet uitgooit maar een makkelijke rest achterlaat. Op 60 rest ga je bijvoorbeeld niet op de triple 20, maar gooi je enkel 20 en hou je tops over.
- Shanghai: enkel, dubbel en triple van hetzelfde getal in één beurt. De Shanghai-finish is 120: enkel 20, triple 20, dubbel 20.
Deze resten zelf leren herkennen gaat het snelst met uitgooien oefenen. Wie de routes naast het bord wil hangen, pakt het uitgooi schema om te printen.
Statistieken: gemiddelde, first 9 en uitgooipercentage
- Driepijlsgemiddelde: gescoorde punten gedeeld door gegooide pijlen, maal drie. In de kroeg is 30 tot 50 normaal, op de club 60 tot 80, en profs gooien 95 of meer. Je eigen getal reken je uit met darts gemiddelde berekenen.
- First 9: het gemiddelde over de eerste negen pijlen van een leg, voordat er op een dubbel gegooid wordt. Het laat zien hoe hard iemand scoort.
- Uitgooipercentage: het aandeel pijlen op een dubbel dat raak is. Drie raak uit tien pogingen is 30 procent.
Waarom twee gemiste dubbels je gemiddelde zo hard laten zakken, rekent wat is een goed darts gemiddelde voor je door.
Die getallen begrijp je pas echt als je ze van jezelf ziet. De gratis darts teller online houdt in de browser je driepijlsgemiddelde, first 9 en uitgooipercentage live bij, zonder account. Op je telefoon doet de Chalkie app hetzelfde, ook offline, met een uitgooisuggestie bij elke rest die uit te gooien is. Er zit ook een DartBot in met verschillende niveaus, zodat je kunt voelen hoe een tegenstander met 60 of 90 gemiddeld gooit.
Kroegtaal: Robin Hood, bounce-out en dartitis
- Robin Hood: een pijl die in de shaft of flight van een andere pijl blijft steken.
- Bounce-out: de pijl stuit op de draad en valt eruit. Hij telt niet en je mag hem niet opnieuw gooien.
- Double trouble: het scoren gaat prima, maar die dubbel wil maar niet vallen.
- Dartitis: een blokkade waarbij je de pijl op het moment van loslaten niet meer los krijgt.
Kort samengevat: leg, set en beurt lezen de stand, tops, madhouse en de bogey nummers vertellen wat er bij de uitgooi op het spel staat, en het gemiddelde en de first 9 laten zien wie beter gooit. Met deze lijst volg je het WK zonder te googelen.
Chalkie is gratis te downloaden in de App Store en op Google Play. Zonder account, zonder reclame, en klaar voor je eigen negendarter.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een leg en een set bij darts?
Een leg is één potje 501 naar nul, uitgegooid op een dubbel. Een set is een groep legs. Op het WK darts is een set best of 5 legs, dus wie er eerst drie wint, pakt de set.
Wat betekent tops bij darts?
Tops is dubbel 20, de dubbel bovenaan het bord. Sta je op 40 rest, dan sta je op tops. Mis je hem met een enkele 20, dan blijft er 20 over en gooi je verder op dubbel 10.
Wat zijn bogey nummers bij darts?
Resten onder de 170 die je niet in drie pijlen kunt uitgooien: 169, 168, 166, 165, 163, 162 en 159. Op zo'n rest moet je eerst een makkelijke uitgooi neerzetten voor je volgende beurt.
Wat is een negendarter?
Een leg 501 uitgegooid in negen pijlen, het minimum dat kan. De bekendste route is 180, 180 en 141 via triple 20, triple 19 en dubbel 12. Het gemiddelde van die leg is 167.
Wat is een break bij darts?
Een leg winnen waarin je tegenstander mocht beginnen. Omdat wie begint drie pijlen voorsprong heeft, is een break vaak het moment dat een set kantelt.