8 oktober 2026
Darts regels 501: double out, bust en wie begint de leg
Bij 501 begint elke speler op 501 punten, gooit per beurt drie pijlen en trekt de gegooide score af van wat er nog staat. Wie als eerste precies op nul uitkomt en dat doet met een dubbel of de bullseye als laatste pijl, wint de leg.
Dat is de hele basisregel. Maar aan het bord gaat de discussie zelden over de basis. Het gaat over de randen: telt de pijl die eruit viel? Wat gebeurt er als je 1 overhoudt? Mag de verliezer van de vorige leg beginnen? Precies die gevallen staan hieronder, volgens de regels zoals ze in het steeltip darten gelden bij de PDC, de bonden en op de club.
De basisregels van 501 in vijf punten
- Start: beide spelers beginnen op 501 en gooien om de beurt. Een beurt is maximaal drie pijlen.
- Telling: een enkel vak telt het getal, de smalle buitenring (dubbel) telt twee keer, de smalle binnenring (triple) drie keer. De groene bull is 25, de rode bullseye 50.
- Aftrekken: het totaal van je beurt gaat van je restscore af. De hoogste beurt is 180, drie keer triple 20.
- Double out: je laatste pijl moet een dubbel zijn. De bullseye geldt als dubbel 25 en mag de leg dus ook uitmaken.
- Winst: wie precies nul bereikt, wint de leg. Meerdere legs samen vormen een partij of een set.
Een perfecte leg duurt negen pijlen, de negendarter: bijvoorbeeld 180, 180 en dan 141 via T20, T19, D12. In de kroeg heb je eerder 30 tot 45 pijlen per leg nodig, en dat is volkomen normaal.
Bust: wanneer je beurt niet telt
De belangrijkste uitzondering heet bust, in de volksmond "je kapot gooien". Je beurt is bust in drie gevallen:
- Je komt onder nul. Je staat op 40, gooit een enkele 20 en daarna de 25: bust.
- Je houdt precies 1 over. Met één punt kun je geen dubbel meer gooien, dus die stand bestaat niet.
- Je komt op nul zonder dubbel. Je staat op 20 en raakt de enkele 20: bust.
Het gevolg is altijd hetzelfde: de hele beurt vervalt, ook de pijlen die er daarvoor goed in zaten. Je score springt terug naar de stand van vóór de beurt en je tegenstander is aan de beurt. Gooi je al met je eerste pijl bust, dan gooi je de andere twee niet meer.
Daarom denk je vooruit over wat je overhoudt. Wie op 32 staat en de dubbel 16 net mist in de enkele 16, staat op 16 en heeft nog steeds een dubbel (D8). Wie 3 overheeft, moet eerst de enkele 1 gooien om op 2 (D1) te komen. Welke route bij welke score het veiligst is, staat in de uitgooi tabel voor darts; voor de populairste dubbels zijn er aparte pagina's over 40 uitgooien (D20) en 32 uitgooien (D16).
Hoogste finish en scores die je niet kunt uitgooien
De hoogste finish is 170: T20, T20, bullseye. Hoger gaat niet in één beurt. Maar ook onder de 170 zijn er scores die je met drie pijlen niet kunt uitgooien: 169, 168, 166, 165, 163, 162 en 159. Dat zijn de bogey numbers.
Sta je op 159, dan heb je dus minstens twee beurten nodig. Goede spelers sturen daarom al vanaf 220 of 200 zo dat ze niet op zo'n getal blijven hangen. Waarom juist 159 niet lukt, wordt voorgerekend op de pagina over de 159 finish, en het maximum staat uitgewerkt bij de 170 finish.
Wie begint? Bullen, legs en sets
Bullen: voor de partij gooit elke speler één pijl op de bull. Wie het dichtst bij het midden zit, begint de eerste leg. Zitten beiden even dicht, bijvoorbeeld allebei in de bullseye, dan gooi je opnieuw.
Daarna wissel je af. De beginbeurt gaat leg na leg heen en weer, ongeacht wie de vorige leg won. De bekende kroegregel "verliezer begint" is een huisregel, geen officiële. Beginnen is een echt voordeel: een leg winnen die je tegenstander begon heet een break, en dat is waar partijen op beslist worden.
Legs en sets: een leg is één spel van 501 naar nul. De meeste toernooien gaan over legs, bijvoorbeeld "first to 6": wie het eerst zes legs heeft, wint. Op het WK darts van de PDC, elk jaar vanaf half december in Alexandra Palace, wordt in sets gespeeld: een set gaat naar wie het eerst drie legs wint, en ook de beginbeurt van de sets wisselt. Met die twee begrippen snap je bijna elk scorebord dat op tv in beeld komt.
Wat aan het bord geldt: pijlen, oche en varianten
- Alleen pijlen die blijven zitten tellen. Valt een pijl uit het bord of stuitert hij terug voordat je hem pakt, dan telt hij nul en gooi je hem niet over.
- De oche: je voeten blijven achter de werplijn. Vooroverleunen mag, eroverheen stappen niet. De afstand is 2,37 meter en het midden van de bull hangt op 1,73 meter. Hoe je dat netjes opmeet, lees je in dartbord ophangen: hoogte en afstand.
- Eerst tellen, dan trekken. De score wordt genoteerd voordat de pijlen uit het bord gaan. Wat er niet meer in zit, kun je niet meer claimen.
Daarnaast bestaan er varianten die je vooral thuis en op elektronische borden tegenkomt:
- Single out (straight out): elk vak mag de leg uitmaken. Fijn voor beginners, niet voor wedstrijden.
- Master out: uitgooien op een dubbel of een triple. Veel gebruikt bij softtip.
- Double in: je score telt pas vanaf je eerste dubbel. Klassiek bij 301.
Spreek vóór de eerste pijl af wat er geldt. Dat scheelt gedoe op het moment dat iemand denkt uit te zijn.
De regels kennen is één ding, tellen is het andere
Aan het bord loopt 501 zelden stuk op de regels, wel op het hoofdrekenen na de derde beurt. Daar helpt Chalkie, de gratis darts teller: je tikt het totaal van je beurt in, de app trekt af, herkent een bust en zet je score vanzelf terug. Je kiest zelf 501, 301, 701 of Cricket, double out of straight out, en "first to" zoveel legs als je wilt. Bij elke restscore stelt Chalkie een finish voor en je driepijlsgemiddelde loopt live mee, offline en zonder reclame.
Wil je niets installeren, dan werkt de darts teller online direct in je browser. En wie wil weten waar hij staat: met de pagina darts gemiddelde berekenen reken je het in een paar seconden uit. In de kroeg is 30 tot 50 normaal, op de club 60 tot 80, en profs gooien 95 of meer. Wat die getallen in de praktijk betekenen, staat in wat is een goed darts gemiddelde, en alle finishes voor aan de muur vind je in het uitgooi schema om te printen.
Kort samengevat
Van 501 naar precies nul, laatste pijl in een dubbel of de bullseye. Onder nul, 1 over of nul zonder dubbel: bust, alles terug. Bullen bepaalt wie de eerste leg begint, daarna wisselt de beginbeurt.
Chalkie staat gratis in de App Store en op Google Play: regels instellen, pijlen gooien, het rekenwerk doet de app.
Veelgestelde vragen
Wat betekent double out bij darts?
Double out betekent dat de laatste pijl van een leg in een dubbel moet zitten, dus in de smalle buitenring. De bullseye telt als dubbel 25 en mag de leg ook uitmaken. Kom je op nul zonder dubbel, dan is je beurt bust.
Wanneer gooi je bust bij darts?
Als je onder nul komt, precies 1 overhoudt of op nul eindigt zonder dubbel. De hele beurt telt dan niet, ook de pijlen ervoor, en je score gaat terug naar de stand van vóór die beurt.
Wie begint er bij darts?
Voor de partij wordt er gebuld: iedere speler gooit één pijl op de bull en wie het dichtst bij het midden zit, begint de eerste leg. Daarna wisselt de beginbeurt elke leg, ongeacht wie won. Verliezer begint is alleen een huisregel.
Wat is de hoogste finish bij 501?
170, gegooid als triple 20, triple 20, bullseye. Onder de 170 kun je 169, 168, 166, 165, 163, 162 en 159 niet in één beurt van drie pijlen uitgooien.
Telt een pijl die uit het bord valt?
Nee. Bij steeltip tellen alleen pijlen die nog in het bord zitten op het moment dat je ze pakt. Een pijl die terugstuitert of eruit valt telt nul en mag niet opnieuw gegooid worden.