6 september 2026

Wat is een goed darts gemiddelde? Van kroeg tot profniveau

Een goed darts gemiddelde hangt af van waar je gooit: in de kroeg is 30 tot 50 normaal, op de club zit je met 60 tot 80 goed, en profs gooien 95 of meer. Dat getal is altijd het driepijlsgemiddelde: gescoorde punten gedeeld door gegooide pijlen, maal drie. Wil je meteen weten waar jij staat, vul dan je laatste leg in op de pagina darts gemiddelde berekenen en lees daarna hier wat dat getal echt betekent.

Want daar gaat het meestal mis. Bijna elke uitleg stopt bij de formule en een tabel. Wat ontbreekt: waarom je gemiddelde in de eerste drie beurten zoveel hoger ligt, waarom twee gemiste dubbels een leg van 95 naar 70 trekken, en hoe je het gemiddelde over een hele partij goed uitrekent.

De cijfers per niveau, zonder opsmuk

Dit is wat je in de praktijk ziet aan het bord, met wat het betekent in pijlen per leg 501:

  • Beginner: 20 tot 35. Je zoekt het bord nog. Een leg kost 45 pijlen of meer, en uitgooien is vooral hopen.
  • Kroeg en recreatief: 35 tot 50. Vaste twintigers, af en toe een 60. Een leg in 30 tot 40 pijlen.
  • Clubspeler: 50 tot 70. Regelmatig triples, uitgooiroutes die je uit je hoofd kent. 21 tot 30 pijlen per leg.
  • Sterke club en districtscompetitie: 70 tot 85. Meerdere honderdplussers per leg, dubbels onder druk. 18 tot 21 pijlen.
  • Semiprof: 85 tot 95. De 180's komen. Legs in 15 tot 18 pijlen.
  • Profcircuit: 95 tot 105. PDC-niveau. Een leg in 12 tot 15 pijlen is daar de verwachting, niet de uitzondering.

Ter oriëntatie: een leg 501 in 18 pijlen is een gemiddelde van 83,5. Een leg in 15 pijlen is 100,2. Een negendarter is 167 precies, hoger kan niet. Het hoogste tv-gemiddelde ooit in een partij staat op naam van Michael van Gerwen: 123,40 in de Premier League van 2016.

Zo bereken je het zelf

De formule is kort:

Driepijlsgemiddelde = (gescoorde punten ÷ gegooide pijlen) × 3

Gooi je een leg 501 uit in 21 pijlen, dan is dat 501 ÷ 21 × 3 = 71,6. Verlies je een leg en sta je na 24 pijlen nog op 89, dan heb je 412 punten gescoord: 412 ÷ 24 × 3 = 51,5.

Twee dingen die mensen bijna altijd fout doen:

  • Bust telt wel als pijlen, niet als punten. Gooi je bust, dan gaan de drie pijlen in de noemer en komt er nul bij de teller. Precies daarom trekt één bust je gemiddelde zo hard omlaag.
  • Reken per pijl, niet per beurt. Gooi je uit op je tweede pijl, dan telt die beurt als twee pijlen, niet als drie. Wie "501 gedeeld door aantal beurten" rekent, straft elke snelle uitgooi af.

Geen zin in hoofdrekenen aan de oche? Op chalkiedarts.app/nl/average vul je punten en pijlen in en staat het gemiddelde er direct, inclusief het tempo per leg dat erbij hoort.

Waarom dubbels je gemiddelde slopen

Hier zit het verschil tussen "ik scoor als een clubspeler" en "mijn gemiddelde zegt kroeg". Een rekenvoorbeeld dat elke darter herkent:

Je opent met 100, 85 en 140. Na negen pijlen sta je op 176 en is je gemiddelde 108. Dan 60, 76, en je staat op 40 na vijftien pijlen. Nog steeds 92 gemiddeld. Nu de dubbel 20: mis, mis, mis. Mis, mis, raak. Zes pijlen voor 40 punten. De leg is klaar in 21 pijlen en je gemiddelde is 71,6.

Van 92 naar 71,6 in twee beurten, terwijl je scorend fantastisch gooide. Dat is geen rekenfout, dat is darts. De partij wordt beslist op de dubbels, en het gemiddelde laat dat genadeloos zien. Wie zijn gemiddelde omhoog wil, oefent daarom niet alleen op de triple 20 maar vooral op de uitgooi. De standaardroutes van 170 naar beneden staan in de uitgooi tabel, en wie hem naast het bord wil hangen vindt de printversie van alle finishes.

First 9: het getal dat je scorend vermogen laat zien

Precies om dat effect van de dubbels te scheiden van je scorend vermogen, houden tellers ook de first 9 bij: het gemiddelde over je eerste drie beurten van elke leg. Daar gooit niemand nog op een dubbel, dus dat getal laat zien hoe hard je scoort als er niets anders speelt.

Bij profs ligt de first 9 doorgaans enkele punten boven het totale gemiddelde. Bij amateurs is het gat vaak veel groter, en dat gat is de meest bruikbare informatie die je uit je statistieken haalt:

  • First 9 hoog, gemiddelde laag: je scoort goed, je uitgooi laat je zakken. Train dubbels.
  • First 9 en gemiddelde dicht bij elkaar: je gooit stabiel, verhoog het scoren met meer triples.
  • First 9 laag: je start traag. Werk aan een vaste eerste beurt richting de twintig.

Gemiddelde over een hele partij

Nog een klassieke fout: het gemiddelde van een wedstrijd is niet het gemiddelde van de leggemiddeldes. Je telt alle gescoorde punten van alle legs bij elkaar op, deelt door alle gegooide pijlen en vermenigvuldigt met drie. Een leg van 95 en een leg van 55 geven samen zelden 75, omdat de trage leg meer pijlen bevat en dus zwaarder weegt.

Bij verloren legs tel je de punten die je wél scoorde, dus 501 min wat er overbleef. Daarom is het gemiddelde ook bij een 3-0 nederlaag een eerlijk getal: het zegt wat jij gooide, los van wie won.

Dat is ook de reden dat op de hand bijhouden na twee legs ophoudt. Een teller die per leg de pijlen en punten opslaat, doet het rekenwerk waar je zelf alleen maar fouten in maakt. Onze gratis darts teller online houdt het driepijlsgemiddelde, de first 9 en het dubbelpercentage live bij terwijl je speelt, zonder account. Wil je het over weken volgen, dan doet de Chalkie app hetzelfde op je telefoon, volledig offline, en bewaart het per sessie zodat je de lijn ziet in plaats van één getal. Er zit ook een DartBot in met verschillende niveaus, handig als je wilt weten hoe een gemiddelde van 60 of 80 aan de overkant aanvoelt.

Hoe je een gemiddelde omhoog krijgt

Geen geheimen, wel een volgorde die werkt:

  • Vaste twintig eerst. Voordat je op triples jaagt, moet de enkele twintig een zekerheid zijn. Drie enkele twintigers is 60, en 60 gemiddeld is al clubniveau.
  • Ken je uitgooi vóór je gooit. Sta je op 96, dan hoort T20-D18 al in je hoofd te zitten. Twijfel aan de oche kost pijlen.
  • Tel eerlijk. Een gemiddelde dat je zelf mooier maakt door busts te vergeten, helpt niemand. Laat een teller het bijhouden.
  • Kijk naar de trend, niet naar het getal. Eén slechte avond zegt niets. Een gemiddelde dat in acht weken van 48 naar 55 gaat, zegt alles.

Voor de regels van het tellen zelf, van bust tot double out, lees je zo tel je 501 als een echte chalker.

Kort samengevat: 40 is goed voor een beginner, 60 is een echte clubspeler, 80 wint districtswedstrijden, en 95 is het profcircuit. Bereken je eigen getal, hou de first 9 ernaast en je weet precies waar je training naartoe moet.

Chalkie staat gratis in de App Store en op Google Play, zonder account, zonder reclame, en telt je gemiddelde ook zonder bereik in de dartkelder.

Veelgestelde vragen

Wat is een goed darts gemiddelde voor een beginner?

Tussen 20 en 35 is normaal als je net begint. Structureel 40 gooien zet je al voor op de meeste recreatieve spelers, en met 50 win je op een gewone dartavond de meeste potjes.

Hoe bereken ik mijn darts gemiddelde?

Gescoorde punten gedeeld door gegooide pijlen, maal drie. Een leg 501 in 21 pijlen is 501 ÷ 21 × 3 = 71,6. Busts tellen wel als pijlen maar niet als punten, en je rekent per pijl, niet per beurt.

Wat is de first 9 bij darts?

Het gemiddelde over de eerste drie beurten van een leg, dus negen pijlen. Omdat je dan nog niet op een dubbel gooit, laat het zuiver zien hoe hard je scoort. Ligt je first 9 ver boven je totale gemiddelde, dan zit je verlies bij de dubbels.

Welk gemiddelde gooien profs?

Op de PDC-tour ligt het partijgemiddelde meestal tussen 95 en 105. Boven 105 is titelvorm. Het hoogste tv-gemiddelde ooit is 123,40 van Michael van Gerwen in 2016.

Telt een bust mee in het gemiddelde?

Ja. De drie pijlen zijn gegooid en tellen mee, de score niet. Daarom trekt één bust je gemiddelde zo hard naar beneden en is uitgooien trainen de snelste manier om het omhoog te krijgen.